Aten we voorafgaand aan de gebraden eend: een vrolijke salade met dunne plakjes bloedsinaasappel, venkel en stukjes zachte zeeduivel. En friszure granaatappelpitjes.
Lees verder
Aten we voorafgaand aan de gebraden eend: een vrolijke salade met dunne plakjes bloedsinaasappel, venkel en stukjes zachte zeeduivel. En friszure granaatappelpitjes.
Lees verder
We begonnen ons kerstmenu op eerste Kerstdag met een schuimige schorsenerensoep met stukjes gerookte saibling - een soort forel, in Nederlands riddervis genoemd.
Het zoete van de schorseneren met de rooksmaak van deze vis gaan heel goed samen. Gerookte forel zou overigens ook prima kunnen. Naar een recept van Alfons Schuhbeck, ooit vertoond bij Lanz Kocht.
Een prima opmaat voor de reebout (wordt vervolgd).
In de vele meren en vennen van Brandenburg leven heerlijke zoetwatervissen zoals snoekbaars, saibling, snoek en vast nog meer. Snoekbaars of Zander hebben we vaker gemaakt. Maar snoek nog nooit.
Pas bij S. en R. gesmikkeld. De ster van de maaltijd was het sluitstuk: deze heerlijke pruimentaart naar recept van Grootmoeder Uus. Onovertroffen. Dus vandaag een gastrecept uit de vorige eeuw:
Niets is zo heerlijk als op een zomeravond op een zonnig balkon getrakteerd te worden op een fijn viergangen diner. Als aperitief dronken we een feestelijke rosé champagne uit Luxemburg.
We begonnen met een tartaar van tonijn met kappertjes. Lekker licht en fris op zo’n zomeravond. Bij de voorgerechten dronken we een Duitse Blanc de Noir Spätburgunder trocken 2010 van Weingut Kriechel uit Ahrweiler.
Van paarse aardappelen. Puur effectbejag, we geven het toe. Want op zich niet bijzonder van smaak, eigenlijk gewone vastkokers, deze aardapppelen. De Vitelotte-noir om precies te zijn. Ook wel truffelaardappelen genoemd.
Ook op Tweede Kerstdag hadden we een degelijk maal. Op een rijtje:
Het wordt een traditie op 1e Kerstdag: reerug, rode kool en gnocchi. Alleen de venkelsoep vooraf was voor ons een nieuw gerecht.
De rode kool is een dag van te voren al gemaakt met appel, uitje met kruidnagel en Voerense appelstroop. En dan langzaam gestoofd.
Het maal op 1e Kerstdag. Traditioneel en eenvoudig, zeker. Geen tierelantijnen deze keer, ook geen liflafjes. Al was het maar omdat we door de arctische omstandigheden hier in Brandenburg lastig konden inkopen.
Voordat de we aan het wild van de 1e en 2e Kerstdag gingen eerst nog een licht maal op Kerstavond: forel uit de oven met aardappelgratin.
De forellen in hun geheel met wat dille in de buik de oven in, 180 graden met hete lucht en grill. Zodat ze snel garen en een knapperig velletje krijgen. Aan tafel dan nog wat olie en citroensap er over.
Na een lange dag in de trein zijn we in het witte en inmiddels spekgladde Brandenburg, één en al Wetterwarnung: “Vermeiden sie Autofahrten! Bleiben Sie im Haus!“. Geen probleem, genoeg lekkers in huis. Zoals een middagmaal van plaatselijke lekkernijen bestaande uit stevig brood met Schmalz, gerookte wildworst (met mosterdzaad) en augurken. En Mohnstollen toe. En de kerstdagen moeten nog komen.

Genoeglijke zaterdagavond bij S. en R. met lekker eten: een geurige pilav met pijnboompitten en rozijnen, lamsspiesjes en een salade met yoghurt en bietjes. Goede combinatie. En taart met sinaasappel en chocolade na.