Althans, dat was het idee: twee uur op 80 graden en dan nog een half uur op 200 voor een knapperig korstje. Dat was thuis al eens goed gelukt met een zalig malse kip als resultaat.  Maar nu lukte het niet. Enigszins omdat S. de finish van Parijs-Roubaix wilde zien zodat hij te laat was om de kip tijdig te prepareren. Maar zeker ook omdat de oven niet meewerkte.

Dus na een uurtje zonder noemenswaardige opwarming van de kip alsnog maar de temperatuur omhoog gedaan. En haar op de traditionele manier gebraden.

Nog een soepje van verse erwten en kervel vooraf. En wat gestoofde venkel en geroosterde aardappelen bij de kip.